Bommen, porno, Nazi-propaganda - het Internet staat vol verderfelijke informatie. Wie regelmatig rondzwerft in deze duistere en hijgerige krochten van het Internet zal een nieuw fenomeen zijn tegengekomen: de "Netnanny", "SurfWatch" en andere filterprogramma's die onschuldige kinderoogjes beschermen tegen ongepaste sites. Misschien zijn ze dé oplossing tegen illegale en schadelijke informatie op het Net.
De Communications Decency Act, die het verspreiden van obsceen materiaal naar minderjarigen strafbaar stelde (zie IT&Recht 3), is weliswaar door een Amerikaanse rechtbank ongrondwettig verklaard, maar de wet heeft wel enig effect gehad. Veel sites die materiaal aanbieden dat ongeschikt is voor kleinere kijkers waarschuwen de Netsurfer inmiddels voor de inhoud; vaak moet de gebruiker met een muisklik aangeven dat hij meerderjarig is. Maar daarmee is het probleem van schadelijk (laat staan illegaal) materiaal op het Internet niet opgelost. Integendeel, de affaire Dutroux in België heeft de zorg bij regelgevers over verspreiding van met name kinderporno aanzienlijk versterkt.
Op verzoek van de Telecommunicatie Raad heeft de Europese Commissie razendsnel
aanbevelingen uitgebracht om het hoofd te bieden aan de verspreiding van illegale en schadelijke
informatie op het Internet. In een notitie van 16 oktober, Illegal and harmful content on the
Internet, constateert de Commissie dat er een onderscheid is tussen het tegengaan van illegaal
materiaal en het reguleren van schadelijke informatie.
Daarom ziet de Commissie in de techniek van filterprogramma's als Netnanny een aantrekkelijke oplossing. Met een kinderoppasprogramma in de Webbrowser kunnen de ouders zelf bepalen wat voor soort informatie hun kroost mag inzien. Het probleem van filterprogramma's was tot nu toe dat ze erg bot waren: of ze blokkeren alles wat grofweg niet mag (blacklisting), of ze laten alleen door wat specifiek goedgekeurd is (whitelisting). Met de komst van PICS, het Platform for Internet Content Selection, is er nu echter een nieuwe en veel flexibeler techniek voorhanden. PICS, ontwikkeld door het World Wide Web Consortium, is in feite een standaard voor het ontwikkelen van nieuwe waarderingssystemen (rating systems). Zo'n waarderingssysteem kan kiezen welke categorieën en met wat voor gradaties het de inhoud van een site waardeert. Het systeem van de Software Advisory Council, ingevoerd door CompuServe, hanteert categorieën voor geweld, naaktheid, seks en taalgebruik, met een schaal van 1 (geweld tegen zaken, zoenen) tot 4 (marteling, expliciete seks). SafeSurf daarentegen kijkt bijvoorbeeld ook naar homoseksualiteit en gokken. Zo kunnen ouders kiezen welk systeem het meest bij hun (opvoedings)wensen past.
PICS werkt op twee manieren. Ten eerste kan de maker van een website zelf om een waardering
vragen bij een of meer kinderoppassers; deze waarderingen kan hij vervolgens aangeven op de
site. Bij het opvragen van de webpagina gaat dan tegelijk de waardering mee, zodat de browser
kan beoordelen of de site wel geschikt is voor degene die voor de computer zit. Maar er is ook
een mogelijkheid voor derden om een waardering te geven. Deze mogelijkheid zal nodig zijn
voor de sites die niet zichzelf willen beoordelen, of voor gebruikersgroepen met specifieke
(opvoedings)vereisten. Zo zou de Anne Frank Stichting een waardering kunnen geven van
pagina's over de holocaust, en de EO kan een eigen waardering geven ten aanzien van seks of
taalgebruik. Ouders kunnen dan in hun browser aangeven dat per opgevraagde pagina moet
worden gecontroleerd bij deze derde beoordelaar of de site daarin voorkomt. De browser kan zo
worden ingesteld dat alleen sites op het scherm komen die een waardering binnen de gewenste
oppasmarges hebben bij door de ouders gekozen kinderoppassers. Voor wie denkt dat de
toepassing hiervan nog ver weg staat: de nieuwe generaties van Netscape (3.0) en Microsoft
Explorer (3.0) zijn toegesneden op PICS!
Of PICS echt op de kinderen kan passen is misschien de vraag. Zolang de huidige generatie kinderen hun ouders nog moet uitleggen hoe ze de muis moeten bedienen, lijkt elk systeem dat ouders de mogelijkheid biedt om een kinderoppas in de computer aan te brengen, ten prooi te vallen aan de technische voorsprong van whizkids. Volgens de makers van PICS valt er echter niet te rommelen met het systeem. Ook het bezwaar dat kindlief wel een andere computer zal opzoeken, waarin de kinderoppas is uitgeschakeld, hoeft geen probleem te zijn als alle browsers daarop afgesteld zijn.
De Europese Unie ziet PICS als argument om geen regelgeving te hoeven invoeren - waar
mogelijk is zelfregulering altijd beter dan regulering. Ironisch genoeg grijpt de overheid van de
Verenigde Staten de ontwikkeling van PICS juist aan om haar voorgenomen regulering te
verdedigen. De staat is in beroep gegaan tegen de beslissing van de rechtbank om de
Communications Decency Act (CDA) ongrondwettig te verklaren. De belangrijkste argumentatie
van de staat is dat het bezwaar van de rechtbank - het verbod zou te breed en vaag zijn - opgelost
wordt door kinderoppas-systemen als PICS. De rechtbank noemde immers als een van de
belangrijkste bezwaren tegen de CDA dat Internetgebruikers geen technische mogelijkheid
hebben om hun informatie alleen aan meerderjarigen aan te bieden. Met het kinderoppas-systeem
van PICS kunnen informatie-aanbieders wel degelijk zorgen dat hun materiaal niet in handen valt
van onschuldige kindertjes, aldus de staat in de toelichting bij het hoger beroep. Daarom vindt de
staat de CDA een werkbare regulering van het Internet, die in de juiste proporties kinderen
beschermt tegen schadelijk materiaal.
PICS kan helpen om een heel netwerk van reputaties en aanbevelingen op te bouwen. In feite, zo
constateerde de Scientific American onlangs, is PICS een 'system for disseminating reputations
throughout the global village.' Een soort huis-aan-huisblad vol waarschuwingen, advertenties en
nieuwtjes voor het Internet-dorp dus. Het ontwerpen van die krant, vol plaatselijke oppas-, keur-
en waardeerprogramma's, moet een mooie uitdaging voor het bedrijfsleven zijn: het Internet als
buurtkrant.
Drs. B.J. Koops is onderzoeker aan de Katholieke Universiteit Brabant en de Technische Universiteit Eindhoven.
E-mail: E.J.Koops@kub.nl
WWW: http://cwis.kub.nl/~frw/people/koops/ bertjaap.htm